Gelukkige mensen hebben niet het beste van alles. Ze maken het beste van alles.

Over de vrijheid van keuze, ook in de meest moeilijke situatie en wat we daarbij van kinderen kunnen leren.

Het is jaren geleden……. Ik zit op kamers in Nijmegen, waar ik mijn eerste baan als personeelsadviseur heb. Het is een klein kamertje en ik mag er niets aan de muren hangen.
Aan het plafond en een gedeelte van het schuine dak hangen tempextegels. Daar kan ik met punaises blaadjes op hangen om de kamer wat op te vrolijken. Binnen no-time hangen aan de muur diverse spreuken.
Ik hou van spreuken, slogans, gefascineerd door de wijsheid die in een enkele zin vervat kan worden. Ik hou ervan om er  op door te denken.

“Beoordeel niemand voordat gij in zijn omstandigheden geweest zijn.” Dus denk ik. Okay! Nou dan kun je dus nooit iemand beoordelen, want je bent nooit in zijn of haar omstandigheden. Als ik (ook weer jaren later) met NLP start, is de vooronderstelling “De kaart is niet het gebied” voor mij bekend terrein!

Ook weer jaren later ga ik voor de Libre Foundation naar Uganda om peace-promotors te trainen in hun leiderschapsskills. Mijn vriendin, die lang op meerdere plekken in Afrika heeft gewoond, gaat mee. Zij is bekend met dit ‘gebied’. Na een lange autorit komen we aan in een compound, waar we zullen verblijven.
Met mijn blonde haren trek ik veel bekijks. De kleine kinderen komen opgewekt en opgewonden op me afgerend: Mzungu, Mzungu. Ik voel me welkom.

De tweede indruk is die van ‘armoede’. De derde indruk als we in ons kleine verblijf aankomen, is die van ‘properheid’.
We zien de kinderen spelen met dat wat voorhanden is. En dat brengt me bij “Gelukkige mensen hebben niet het beste van alles, ze maken het beste van alles. “

 

 

Deze kinderen lieten dit daadwerkelijk zien en wij mochten mee genieten.

 

 

Ik realiseer me dat er in de wereld situaties zijn waarin de uitdaging om er het beste van te maken wel heel groot is. Er zijn de kinderen in het Moria-kamp. Hoe maken zij in die erbarmelijke omstandigheden het beste van alles?

Artsen zonder grenzen vertelt: “Er zijn zo’n 5.000 kinderen in het Moria-kamp, dat is de helft van alle mensen in het kamp. 747 minderjarigen zijn er zonder een volwassene die voor hen zorgt. Zij hebben dus geen ouder, tante, oom, oma of opa of andere voogd die hen kan beschermen en beslissingen voor hen kan nemen. Kinderen hebben nachtmerries. Ze durven niet uit hun tenten te komen en trekken zich terug van het leven in het kamp. Er zijn kinderen die niet meer praten.”

Ik denk aan die andere wijsheid die zo lang geleden al aan mijn muur hing: “Und gib allen Gefangenen ein kleines Fenster.” Het belang om lichtpuntjes te hebben in duisternis. Om uitzicht te zien in een situatie waarin je gevangen zit tegen wil en dank. Dat geldt voor de kinderen daar in het Moria-kamp.
En dat geldt ook voor de ouderen, die in deze tijd van het Corona-virus lijden onder eenzaamheid.

En ik realiseer me dat ik bevoorrecht ben.
There….. And here by the grace of God I am….

En dat motiveert me mijn bijdrage te leveren aan een betere wereld. En dat doe ik zo goed als ik op dit moment kan en op mijn (NLP)manier.

18 november 2020

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Scroll naar top